Een hedendaags wonder

Printervriendelijke versieSend by email
Een hedendaags wonder

Vandaag zijn we getuigen van één van de grootste wonderen in de geschiedenis: Ná meer dan 2000 jaar keren de Joden terug naar Israël, ieder jaar met grotere aantallen. Nooit eerder in de geschiedenis is een volk, dat eeuwenlang uit zijn land verstrooid is geweest naar de vier uiteinden van de aarde, teruggekeerd naar haar eigen vaderland met een eigen onafhankelijke Staat. En dat gebeurt nu, waar wij getuige van zijn.

Hier in Israël wordt deze thuiskomst Aliyah genoemd, wat letterlijk betekent ‘Opgaan’. Want voor Joden die van de verre windstreken naar Israël gaan, is het een geestelijk ‘Opgaan’, naar Sion als de plek waar het hart van alle Joden naar uitgaat en waar God woont.

In bijbelse tijden was het Opgaan naar Jeruzalem voor de feesten van God ook letterlijk een Opgaan naar de berg van God, Jesaja 2:3. Psalm 120-134 vertolkt dit Opgaan in de Opgangspsalmen, om driekeer per jaar naar de berg van God te komen voor de feesten, of Hoogtijdagen van God.

 

Golven van Aliyah

Vandaag is Aliyah verbonden met de terugkeer van de Joden naar het Beloofde land. De eerste golf van Aliyah was toen Russische Joden vluchten voor de pogroms van de Tsaar van Rusland aan het eind van de 19e eeuw. Zelfs nog voor de Staat Israël ontstond in 1948 waren er vijf golven van Aliyah te onderkennen, met als vijfde de vlucht van de Joden voor de Nazi-terreur in Europa. Slechts drie jaar na de 2e  Wereldoorlog in 1948, op 14 mei, verklaarde David Ben Goerion de Staat Israël, wat letterlijk plotseling is gebeurd. Zoals de Psalmist zegt: ‘Toen de Heer ons terugbracht naar Sion was het alsof wij droomden … Toen zei men onder de volkeren: de Heer heeft grote dingen gedaan’. Ps.126:1-2. Het was inderdaad als een droom. De mensen waren net ontsnapt aan de gaskamers van de Nazi’s en kregen nu een eigen land.

Toen de Staat Israël eenmaal gevestigd was, bleven de Joden toestromen. Tussen 1949 en 1950 kwam de hele Jemenitische Joodse gemeenschap naar Israël. Deze operatie bedroeg meer dan 380 vliegtuigen vol met Joden onder de naam van ‘Operatie Adelaarsvleugels’. Dit refereert naar Jesaja 40:31 ‘Die op de Heer wachten zullen hun kracht vernieuwen en op adelaarsvleugels gedragen worden’.

Daarna kwamen Operatie Ezra en Nehemia in 1950-1951 om 125.000 Joden uit Irak te krijgen. Het grootste aantal Joden kwam echter uit Marokko. In de 60-jaren kwamen ongeveer 500.000 Joden uit Marokko naar Israël, wat nu in Israël nog steeds te merken is aan hun cultuur.

De Ethiopische Joden zijn terug te traceren op de stam Dam, welke met twee Operaties terug zijn gekeerd, 1984 Operatie Mozes en in 1991 met Operatie Salomo, en nu de laatsten in 2016.

Ná 1989 toen de Sovjet Unie uiteenviel konden meer dan 1 miljoen Russische Joden vertrekken richting Israël, vanuit het Noorderland. Velen zagen hierin de vervulling van de profetie uit Jesaja 43:6 ‘Ik zeg tegen het Noorderland: laat Mijn volk gaan.’ De ICEJ helpt sinds 1991 om de Russische Joden naar Israël te krijgen.

Het resultaat is dat vandaag in Israël een veelkleurige cultuur is te onderkennen. Vanuit Europa, Afrika, Amerika, China, India en andere landen hebben de Joden deze cultuur meegenomen naar Israël. Toch is het gemeenschappelijke van deze Joden dat ze gezamenlijk afstammen van de zonen van Jakob. Ieder Pesach vieren ze de maaltijd met het uitspreken van de wens: volgend jaar in Jeruzalem. Men heeft de hoop levend gehouden om éénmaal terug te keren. De Israëlische regering geeft aan dan momenteel de helft van de Joden in de wereld terug zijn gekeerd naar Israël. In het afgelopen jaar zelfs zijn meer dan 30.000 Joden in Israël aangekomen.

 

Een oude traditie

Een groot deel van de Evangelische christenen wereldwijd zien de terugkeer van de Joden als een bewijs van Gods trouw aan Israël. Dit inzicht is zelfs ouder dan de Reformatoren. Helaas zijn de vroege Reformatoren overtuigd dat God heeft afgedaan met Israël. ‘Zij zijn afgesneden van alle hoop van God’, schreef Calvijn in zijn commentaar op Ezechiël.

Maar de Reformatie heeft Engeland bereikt en de Puriteinen kregen een nieuw zicht op Gods beloften over Israël. Door het bestuderen van de Schrift geloofde men dat God nog niet had afgedaan met Zijn volk, nee, men geloofde dat God nog een grote toekomst voor hen heeft en hen terugbrengt naar hun vaderland.

Vanaf de 16e eeuw zijn er talloze boeken verschenen die dit bijbels herstel van Israël benadrukken, zelfs de Piëtisten en de Moravische broeders van Graaf Zinzendorf. Het werd zelfs een prominent thema bij predikers als Spurgeon. In 1855 sprak Spurgeon in Londen: “Ik geloof in een hedendaags herstel van Israël in hun eigen land en een terugkeer van de Joden naar hun land in de eindtijd. Voordat Jezus terugkomt op aarde, zullen de Joden toestemming krijgen om naar Palestina terug te keren”.

 

Jezus over Aliyah

De terugkeer van de Joden naar hun vaderland is diep verankerd in de Schriften en loopt als een rode draad door de Bijbel. Meer dan 70 passages beloven de terugkeer naar het land Israël. Beginnend in de Wet van Mozes, Deut. 30, wordt het aangehaald door iedere profetische schrijver en zelfs in de Psalmen. De hoop dat God de ‘gevangenen van Sion’ doet terugkeren werd onderdeel van de liturgie van Israël. In Ps.147 zegt de Psalmist ‘Het is goed en aangenaam om de Heer te loven’ en verklaart ook waarom: ‘De Heer bouwt Jeruzalem en vergadert de verdrevenen van Israël.´

Jezus refereert naar het verstrooien van Israël, dat Jeruzalem verlaten zal worden voor een tijd, totdat de tijden van de heidenen vervuld zijn, Lucas 21:24, waar Jezus mee aangeeft dat er een toekomstig herstel van Jeruzalem zal komen en een terugkeer van de Joden. Toen Jezus op de Olijfberg stond, weende Hij over Jeruzalem en voorzag haar ondergang, Matt.23, Luc.19. Tegelijkertijd gaf Jezus aan dat de Joodse stad hersteld zou worden en dat haar inwoners Hem welkom zouden heten met een Joods Oude Testamentische groet: Gezegend Hij die komt in de Naam van de Heer.’ Dus Jezus voorzag haar ondergang en verwachtte een Joodse aanwezigheid in Jeruzalem bij zijn Wederkomst die Hem verwelkomen met een Joodse begroeting, Ps.118.

 

Onvervulde profetieën

De meerderheid van de bijbelgedeelten over de terugkeer van Israël staat in de profeten. Meer dan 50 profetieën refereren hieraan. Maar veel profetieën gaan over de terugkeer uit Babel in de tijd van Kores met Nehemia en Ezra. Vele profetieën zien deze terugkeer uit Babel als een gedeeltelijke vervulling van de Schriften. Bijvoorbeeld verklaart Amos: ‘Ik zal hen planten in hun eigen land en nooit meer zullen we eruit gerukt worden, zegt de Heer. Amos 9:15.  En de profeet Jesaja spreekt over een hersteld Israël: … Zij zullen het land bezitten voor altijd, Jesaja 60:21 en Jeremia verklaart: … Ik zal hen terugbrengen in het land, Ik zal hen bouwen en niet afbreken en hen planten in hun eigen land’, Jer.24:6. Deze profeten zagen een groot en definitieve terugkeer naar het land waarna de Heer hen nooit meer uit het land zal wegvoeren. Blijkbaar was dat na Babel nog niet het geval, want Israël is 500 jaar later door de Romeinen weggevoerd.

In toevoeging op de terugkeer van Israël en haar definitieve aanwezigheid in het land, verstonden alle profeten dit tevens als een geestelijk herstel en reformatie van het hele volk. Dit heeft de profeet Ezechiël duidelijk aangegeven. Na de aankondiging dat God zijn volk zal terugbrengen vanuit alle volken waar de Heer hen heeft gebracht, Ez.36, dat God dan ‘rein water over hen zal sprenkelen… en hen een nieuw hart zal geven…. en dat God en Zijn Geest in hen zal geven zodat ze in Zijn wegen gaan wandelen… dan zullen jullie Mijn volk zijn en Ik zal jullie God zijn..’ Ez.36:25-31.  Zie ook Jes.43-44, Joël 3.

Israël heeft nog niet een nationaal geestelijk herstel gehad van deze afmeting. Na de terugkeer uit Babel zien de profeten Zacharia, Maleachi en Haggaï nog geen geestelijk herstel in Israël, maar dat die nog moet komen. De apostel Paulus begrijpt dat alleen een rest behouden zal worden… tijdens zijn leven en dat er pas in de toekomst een nationaal geestelijk herstel zal komen in Israël wanneer ‘Geheel Israël gered zal worden … en de Verlosser uit Sion zal komen.’ Rom.11:25-26.

De profeten zagen een toekomstig Messiaans koninkrijk rondom Israël, Jer. 23, waar perfecte vrede heerst, Jes.32:17, Ez.38:8 en dat de volkeren naar Jeruzalem komen om de Heer te aanbidden, Jes.2, Zach.14. Dit wacht allemaal nog op een uiteindelijke vervulling.

 

Een oproep voor de kerk

Zoals de profeten voorzagen dat er een eindtijd herstel voor Israël zal komen, verwachten ze ook dat de volkeren daarin meehelpen. De profeet Jesaja verklaart: ‘Zo zegt de Heer, Ik zal Mijn hand opheffen als een eed voor de volkeren en Mijn banier opheffen voor de volkeren: zij zullen jullie zonen in hun armen dragen en jullie dochteren op de heup dragen…Jes.49:22. De terugkeer van de Joden is een Goddelijke banier, een teken van God voor de volkeren, Jes.11:12, wat de kerk niet kan verwaarlozen. God verklaart aan ons: Wees betrokken!

Vandaag duizenden Joden zijn al teruggekeerd naar Israël met behulp van Christenen en kerken wereldwijd. De ICEJ heeft al meer dan 120.000 Joden geholpen om Aliyah te maken. Het is een van de grootste voorrechten van de kerk vandaag om actief betrokken te zijn bij de vervulling van de bijbelse profetieën.

Maar deze boodschap moet nog meer verkondigd worden vanaf de kansels. Jeremia verklaart: ‘Hoor het woord van de Heer, o volkeren, en verklaar het aan in de kustlanden vanaf en zeg: Hij die Israël verstrooid heeft, zal het ook weer bijeenbrengen en hen hoeden als een herder.’ Jer. 31:10.

De terugkeer van de Joden naar Israël is een waarheid en zou in iedere kerk besproken moeten worden. Het is het Woord van de Heer, voor deze tijd.

 

Wees betrokken

Het werk van God in de terugkeer van de Joden naar Israël gaat nog steeds door en speciaal uit de landen van de voormalige Sovjet Unie, zoals Oekraïne, Uzbekistan en Belarus, maar ook vanuit Frankrijk en de Bnei Menashe uit India. Het Joods Agentschap vraagt ons om steun bij deze laatste golf van Joden uit Ethiopië.

Ons privilege als ICEJ is om actief betrokken te zijn met wat God doet in deze tijd. En daarom wil ik u uitdagen om met ons dit werk  te steunen. Al deze projecten geven een enorme mogelijkheid om betrokken te zijn in wat God in onze tijd doet. Het is een teken voor de wereld: zie wat God doet met zijn eigen volk. Hij staat nog steeds garant voor Zijn beloften aan Zijn eigen volk. En daarom is God ook te vertrouwen voor de beloften die Hij aan u heeft gedaan.